Netherlands vs Belgium — A Semi-Final Epic in Prague
English Below
In een zwoele rugby-avond in Praag ontvouwde de Rugby Europe Championship-halve finale tussen Nederland en België zich als een waar sportepos: shifts in momentum, pure brute kracht, spanning tot de laatste seconde én een slotfase die het hart van elke supporter op hol bracht.
Nederland begon furieus. Scrum-half Tibbe van de Kamp dicteerde het tempo met strak spelverdelend werk en slimme keuzes, waardoor de Oranje-aanval vanaf de eerste minuut controle had. Al na vijf minuten lag de eerste try over de Belgische doellijn, het resultaat van een uitstekend uitgespeelde aanval.
Het eerste kwart was volledig voor Nederland. Ze domineerden de breakdowns, verstoorden de Belgische line-outs en speelden met zoveel vertrouwen dat een tweede treffer onafwendbaar leek. En die kwam er—Toine Obiang Nguema, beter bekend als de Human Bulldozer, beukte in de 14e minuut opnieuw over de lijn. 12–0, en Oranje denderde verder.
België zal zichzelf verwijten dat het de kansen in de beginfase niet benutte. De eerste serieuze aanval in de Nederlandse 22 eindigde in een knock-on op vijf meter van de lijn. Maar toen de Nederlandse backfield een hoge boxkick verkeerd inschatte en de bal liet stuiteren in open veld, profiteerden de Belgen gretig: 12–5 na 22 minuten, en de burenploeg was terug in de wedstrijd.
Even herstelde Nederland de voorsprong dankzij een loeier van Bram Roters, die koel een penalty van zo’n veertig meter binnenschoot—een trap waar menig internationale kicker respect voor heeft. Toch vocht België zich terug met twee strafschoppen, waardoor de ruststand uitkwam op 15–11 voor Nederland.
De tweede helft begon exact zoals de eerste: met Oranje dat meteen toesloeg. Vier minuten na de herstart stormde de Nederlandse rolling maul vooruit als een onstuitbare trein, waarna—natuurlijk—Toine Nguema opnieuw de beslissende meters maakte. Zijn vijfde try in twee wedstrijden; ongekend voor een prop en een stevige kandidaat voor Speler van het Toernooi. Met 22–11 leek Nederland op rozen te zitten.
Maar halve finales zijn nooit geschreven in zekerheid.
Bij 27–18 kabbelde de wedstrijd even voort, totdat België opnieuw aanhaakte en verkleinde naar 27–23. Plots draaide het momentum volledig. De Nederlandse discipline liet hen in de steek: twee gele kaarten in korte tijd, en Oranje stond de slotfase in met 13 man. Toen Vaasen vervolgens de kick-off te ver trapte, kreeg België een scrum op de middellijn—gevaarlijk terrein.
Vier minuten voor tijd sloeg de Belgische nummer 12, Ekendahl, toe met een daverende try. Voor het eerst in de wedstrijd nam België de leiding: 27–32. De klok tikte genadeloos door.
Maar Nederland weigerde te capituleren.
De kick-off werd heroverd, Oranje zette meerdere fases op rij druk, en ondanks een scheve line-out—die België een scrum opleverde—tonen de Nederlanders hun absolute kracht: ze drukten de Belgische voorwaartsen achteruit en wonnen de bal terug. In de laatste seconden doken ze van vijf meter over de lijn. 32–32. Eindsignaal. Verlenging. Golden point.
Met de gestrafte spelers terug op het veld keerde de rust even terug. Toch kreeg België de eerste kans om de wedstrijd te beslissen: een penalty van ongeveer 46 à 47 meter, schuin vanaf de 15-meterlijn. De bal had lengte, maar ging nét naast. Nederland ontsnapte.
Daarna was het Oranje dat toesloeg.
Een vernietigende scrum leverde Nederland een penalty op. Vaasen, de linkspoot met een sloopkogel als trap, kreeg de kans om de overwinning binnen te halen—zo’n 45 meter uit, precies binnen zijn bereik.
Hij raakte de bal zuiver.
De vlaggen gingen omhoog.
Nederland 35 – België 32.
Golden point. Pure extase. Belgische hartpijn.
Nederland mag trots zijn op de veerkracht en mentale kracht die het toonde na het weggeven van de voorsprong in de laatste minuten. En de fans in Praag waren getuige van iets bijzonders:
Een halve finale die de boeken ingaat als een waar rugbydrama.
Netherlands vs Belgium — A Semi-Final Epic in Prague
In the cool Prague evening, the Rugby Europe Championship semi-final between the Netherlands and Belgium unfolded like a scriptwriters’ dream—momentum swings, brute force, high drama, and a finish that left hearts pounding on both sides of the touchline.
The Dutch burst out of the blocks with purpose. Scrum-half Tibbe van de Kamp orchestrated the early tempo with crisp service and sharp decision-making, guiding a controlled and confident Dutch attack. It took barely five minutes for the Netherlands to crack the Belgian line, finishing a beautifully constructed move to open the scoring.
The opening quarter belonged entirely to the men in orange. They bossed the breakdown, pilfered Belgian lineouts, and played with a swagger that made the next score feel inevitable. And inevitable it was—Toine Obiang Nguema, known affectionately (and fearfully) as the Human Bulldozer, thundered over in the 14th minute. At 12–0, the Netherlands looked in complete command.
Belgium, however, will rue the chances they let slip. Their first visit into the Dutch 22 ended abruptly, a knock-on just five metres out denying them a crucial foothold. But when the Dutch backfield hesitated under a towering box kick, the Belgians pounced—allowing the ball to bounce and then racing onto acres of unguarded turf. Suddenly, it was 12–5 after 22 minutes, and the neighbours had life.
Dutch fullback Bram Roters momentarily restored calm, thumping over a long-range effort from around 40 metres—proof of a boot that could trouble anyone in Europe. Even so, Belgium clawed back with two penalties of their own, reducing the halftime score to 15–11 in favour of the Netherlands.
The second half began just as the first had: Dutch power, Dutch precision, Dutch points. Four minutes in, the rolling maul surged forward like a runaway freight train, and who else but Toine Nguema peeled off to crash over for his second. Five tries in two games—astonishing numbers for a prop—and surely placing him front and centre in the Player of the Tournament conversation. With the score at 22–11, it felt as though Belgium’s road was closing.
But semifinals rarely follow the script.
The game settled into a lull at 27–18, before Belgium’s resilience sparked back to life. They struck again to pull it to 27–23 with ten minutes left. The momentum shifted violently. Dutch discipline crumbled; two yellow cards reduced them to 13 men. When kicker Vaasen drilled the restart too deep, Belgium found themselves with a scrum at halfway—prime territory to launch.
Then, with just four minutes remaining, Belgian centre Ekendahl sliced through for a try that stunned the Dutch supporters. Belgium led 32–27, and the clock was mercilessly ticking down.
But the Netherlands are nothing if not stubborn.
From the restart, they regathered possession and hammered away with phase after phase. A crooked throw at the lineout seemed to doom them, but the Dutch scrum—undermanned but unbowed—obliterated the Belgian feed. With the stadium holding its breath, the Netherlands crashed over from five metres out at the death. Full time: 32–32. Extra time. Golden point.
With their yellow-carded players restored, the Dutch steadied themselves. But the first golden opportunity went to Belgium: a penalty from roughly 46 metres out, angled from just inside the 15-metre channel. The strike had distance but drifted wide. The Netherlands exhaled.
Moments later, their chance arrived.
A dominant scrum earned the Dutch a penalty.
The left-booted fly-half with ice in his veins, stepped up from around 45 metres. The stadium fell silent.
He struck it flush.
The flags went up.
Netherlands 35 – Belgium 32.
Golden point. Golden moment. Dutch ecstasy.
Belgium sank to their knees in heartbreak. The Netherlands roared in disbelief and relief, having clawed back victory after surrendering the lead in the dying minutes.
It was, in every sense, an instant classic in Prague—rugby at its rawest, boldest, and most breathtaking.



Post Comment